Donderdag 31-3 weer op tijd op om richting het zuiden te rijden. We willen eigenlijk zo snel mogelijk naar Monkey Mia, maar dat is bijna de hele dag rijden. Daar hebben we niet zo’n zin in. Bij het oprijden van de doorgaande weg die door Exmouth loopt, hadden we duidelijk last van de ochtendspits. We hebben alle 3 de auto’s voor laten gaan.
Een kleine 2 uur later kwamen we aan in Coral Bay. Een kleiner plaatsje dan Exmouth, maar met dezelfde activiteiten snorkelen, duiken op het Ningaloo Reef. We hadden nog wel zin in een middagje snorkelen, maar het waaide vrij stevig. Dat is niet relaxt snorkelen, dus zijn we doorgereden naar ons (niet) zo geliefde Carnarvon.
Eerst zijn we nog naar een 75 km noordelijker gelegen strand gereden. Daar hebben we de zogenaamde blowholes bekeken. Het strand was uitermate geschikt om te zwemmen en te snorkelen. Er waren echter zoveel vliegen, dat zelfs de Australiers van het strand af vluchten. Dus einde middag zaten we weer in Carnarvon en in de kroeg grenzend aan ons motel (altijd lastig kiezen als ze 10 soorten bier van de tap hebben).

Vrijdag 1-4 zijn we naar Monkey Mia (Shark Bay) gereden. Dat ging redelijk vlot. Gewoon naar het zuiden rijden (er is maar 1 weg) en bij het Overlander roadhouse rechtsaf.
Onderweg naar Monkey Mia hebben we nog diverse dingen bekeken. Echter we hadden al verteld van de enorme hoeveel vliegen die in WA rondvliegen, vandaag was het echt om gek van te worden. Elke keer als je uit de auto stapte, zal je van top tot teen onder de vliegen. Dat is om zich nog te doen, maar ze gaan ook in je oren, neus, mond en ogen zitten. Vreselijk irritant, dat zetten ze er in die mooie vakantiebrochures niet bij ….
Probleem is ook nog dat na het instappen in je auto er ook 100 binnen zitten, dus rij je het eerste kwartier met alle ramen open om ze kwijt te raken.
Maar goed, na de afslag bij het roadhouse waren er wat bezienswaardigheden die allemaal qua toeristen vrij rustig waren (behalve dan de steeds in miljoenen aanwezige vliegen en nog duizenden ander insecten, wij houden het op een soort kruizing tussen sprinkhanen en libelles). Eerst de stromalites bezocht, een van de twee laatste plekken op aarde waar deze oudste levensvorm op aarde te zien is. Het is een soort koraal aan de rand van de zee.
Toen was Shell beach aan de beurt, je raadt het al een strand geheel bestaand uit witte schelpen. Een lasbril had handig geweest. Daarna over een soort ballustrade boven een ondiepe baai gelopen (Eagles bluff), dan kan je mooi alle vissen zien zwemmen (indien aanwezig). Na een lunch in metropool Denham (in dit soort plaatjes hangen in de supermark bordjes als: de melk is uitverkocht, bij de volgende zending van 28 april zal het er weer zijn), nog een mooie blue lagoon bezocht.
In Monkey Mia hebben weer gekozen voor een budgetonderkomen (voor wat je budget kunt noemen hier). Leuk is dat de emu’s hiergewoon overal tussendoor lopen. Iedereen komt hier overigens naar toe omdat er elke ochtend wilde dolfijnen naar het strand komen om gevoerd te worden.
De tweede helft van de middag hebben we in zee rondgedreven, dit was de manier om aan de vliegen te ontkomen en bovendien hoopte we natuurlijk al een dolfijn te spotten. Dat laatste is niet gelukt, wel kwam er een schildpad voorbij.
‘s Avonds hebben we weer ons eigen maaltijd gemaakt en natuurlijk op tijd naar bed, benieuwd naar de dag van morgen.

Zaterdag 2-4 dus vroeg op om naar de dolfijnen te kijken in hun natuurlijke omgeving. Deze krijgen hier elke ochtend 1 of meerdere keren vis. Echter niet te veel, dus ze moeten zelf ook op jacht.
Deze ochtend waren er echt veel dolfijnen, wel 15. Deze komen heel dicht onder de kant om een visje op te pikken. Blijft fascinerend. ‘s Ochtends om 8 uur is een vast voedertijdstip, dus is het ook druk met toeristen. Later op de ochtend komen de dolfijnen nog een keer terug en dan is het een stuk rustiger. Het leuke is dat wij onder de indruk zijn van de dolfijnen, maar je ziet de dolfijnen ook kijken van “hé, wie staat daar nu op het strand?”.
‘s Middags zijn we met een grote catamaran gaab varen in Shark Bay. Onderweg werd natuurlijk veel wildlife gespot: haaien, schildpadden, slangen en je raadt het al hele troepen met dolfijnen.
Om er helemaal een perfecte dag van de maken, hebben we ‘s avonds de sunset cruise gedaan.
Zondagochtend 3-4 eerst nog even bij de dolfijnen gaan kijken, maar het was winderig en wat bewolkt dus zijn we gaan rijden.
Begin van de middag kwamen we aan in Kalbarri. Voor deze regio een enorme stad met ca. 2.000 inwoners. Kalbarri heeft ook alles mee: natuurlijk ligt het prachtige Kalbarri National Park in de achtertuin, verder heeft het mooie witte stranden, prachtige rode rotsen aan de kust. Dolfijnen, walvissen, papegaaien, pelikanen, surf en mooi weer.
Omdat het laagseizoen schijnt te zijn concurreren de hotels hier met de prijzen. Dus zitten we nu voor Australische begrippen voor een spotprijs op een echt resort. Een ruime kamer met alles erop en eraan, zwemabad en spa voor de deur. We overwegen zelfs om nog een nacht te blijven, er is genoeg te doen hier.
In de namiddag wandelen we nog wat over de mooie stranden met superieure surf. Ed is onder de indruk van Jacques point; een mooie lefthander die je zeker een halve minuut kan surfen.
Tot nu toe zijn we uiterst tevreden over het weer, het kan zelfs saai genoemd worden altijden 35 graden en blauwe hemel. Perth en omgeving heeft zelfs de droogste maand maart achter de rug sinds tijden. Maar de voorspelling zijn dat er de twee helft van week regen komt en de temperatuur zakt naar rond de 25 graden. Kunnen we vast langzaam wennen aan onze terugkeer naar Nederland, dat komt nu toch wel erg dichtbij ….

Maandag 4-4 ‘s ochtends eerst getracht om het dagelijkse (wilde) pelikanen voeren te zien. Echter na een half uur wachten leest een van de andere bezoekers op een paal dat het pelikaan voeren vanaf 21 maart is gestopt 🙁 (sorry voor het ongemak)
Daarna zij we het Kalbarri National Park ingereden. Eerst 25 kilometer over een stuiterende zandweg. Maar het is zeker de moeite waard. Het park is enorm groen en de Murchison-rivier loopt er doorheen in een soort Grand canyon achtige omgeving.
Natuurlijk bezoeken we Nature’s Window (niet te verwarren met God’s Window in Afrika) en de Z-bend. Natuurlijk moet Ed ook nog wat klauteren over de rode rotsen en zien we de kangeroo! ‘s Middags bezoeken we de rode kliffen aan de kusten en natuurlijk het strand.
De rode kliffen zijn een uitloper van het National Park en menig Nederlandse zeevaarder heeft zich hier in het verre verleden op vastgevaren (Zuytdorp Cliffs!!!). Tegen zonsondergang springen we nog even in de spa en zwembad van ons resort.

